Sociaal domein: van transitie naar transformatie


Met de invoering van de Participatiewet, de nieuwe Wmo en de Jeugdwet per 1 januari 2015 is het sociaal domein in één klap het grootste domein binnen het takenpakket van gemeenten geworden, zowel financieel als inhoudelijk. Waar gemeenten de eerste twee jaar veel tijd besteedden aan het inregelen van deze drie nieuwe wetten, kreeg de afgelopen periode integraliteit binnen het sociaal domein steeds meer aandacht.

Aspecten integraliteit

  1. Veel gemeenten hebben de ambitie om integrale dienstverlening te bieden aan inwoners. Hiervoor is het van belang de werkprocessen in het sociaal domein goed op elkaar af te stemmen, met name bij de toegang die al dan niet belegd is bij sociale wijkteams.
  2. De raakvlakken tussen ondersteuningsvormen binnen het sociaal domein, bijvoorbeeld tussen nieuw beschut werk en (arbeidsmatige) dagbesteding of tussen individuele begeleiding en schuldhulpverlening. Veel gemeenten zijn bezig om de doorstroom tussen ondersteuningsvormen te bevorderen of om aanpalende ondersteuningsvormen gezamenlijk aan te besteden (bijvoorbeeld begeleiding Wmo en jeugd).
  3. Overkoepelende thema’s die het hele sociaal domein raken, zoals inkoop, innovatie, vroegsignalering, preventie en het organiseren van een sterk voorveld.
  4. Integrale verantwoordelijkheid voor de financiën van het sociaal domein. Veel gemeenten hebben ervoor gekozen om de financiële schotten tussen de subdomeinen weg te halen, en vanaf 2019 zal de integratie-uitkering sociaal domein geïntegreerd worden in de algemene uitkering van het Gemeentefonds. Dit brengt complexe financiële opgaven met zich mee.
  5. Overkoepelend sturingsvraagstuk in het sociaal domein. Gemeenten moeten helder hebben wat sociaaldomeinbrede doelstellingen zijn, hoe de monitoring van de voortgang van deze doelstellingen ingericht kan worden en hoe er effectief (bij)gestuurd kan worden, niet alleen binnen de gemeente maar ook op ketenpartners.

Uitdagingen voor gemeenten

  1. De kern van de transformatie: de menselijke maat, de burger aan zet. Inwoners doen van alles zelf en voor en met elkaar: ontmoeting, vereniging, een-op-eenbetrokkenheid. Hoe kunnen de zorgaanbieder en de gemeente dit faciliteren: buurthuis, wijkteam, schuldhulpmaatjes? En hoe sluit je aan bij deze initiatieven om mogelijke problemen vroeg te signaleren en te voorkomen?
  2. Organiseer passende ondersteuning voor burgers die dat nodig hebben. Bij passende ondersteuning is ketenregie cruciaal. Belangrijke thema’s: een op de inwoner afgestemd keukentafelgesprek, adequate inkoop van zorg, begeleiding van uitkering naar werk en overgang 18-/18+.
  3. Goed opdrachtgeverschap, goed opdrachtnemerschap, correcte tarieven. De interactie tussen gemeente en aanbieder is een cruciale factor bij de stap van transitie naar transformatie. Op innovatie gerichte samenwerking, met behoud van de eigen rol is daarbij het uitgangspunt. Het inrichten van professioneel opdrachtgeverschap en opdrachtnemerschap, keuze van prikkels en bekostigingsvarianten en bepalen van correcte tarieven staan daarbij centraal.
  4. Businesscases voor optimale inzet van schaarse middelen. Dit begint met inzicht in de verdeelmechanismen van rijksmiddelen naar gemeente en in de bepalende keuzes rond de omvang van uitgaven. Aan welke knoppen kun je draaien om kosten en baten in evenwicht te brengen? Denk aan werk bespaart bijstand, preventie en business afschalen van zorg. Businesscases kunnen concrete handvatten bieden om inzicht te geven in consequenties van keuzes, met een tijdpad en mijlpalen waarin de opbrengst van investeringen gemonitord wordt.
  5. Samenwerking en sturing. De meeste gemeenten werken samen bij de uitvoering van begeleiding naar werk, inkoop van jeugdzorg en Wmo en sociale werkvoorziening. Hoe behaal je voordeel van samenwerking zonder de grip van de gemeente(raad) ter verliezen? Kies je voor netwerksamenwerking of een gemeenschappelijke regeling? En hoe kom je tot voor alle partijen reële afspraken wanneer de samenwerking wordt verbroken of juist uitgebreid?

Ervaren partner

Berenschot heeft ervaring met elk van de genoemde aspecten van integraal werken in het sociaal domein. Dit zowel op gemeentelijk als op regionaal (samenwerkingsvraagstukken) en landelijk niveau (beleidsvraagstukken en het stelselsturingsvraagstuk). Daarnaast biedt onze benchmark Sociaal domein inzicht in de formatie bij gemeenten, en vertelt de benchmark Cure meer over overhead bij aanbieders.

Meer weten?

Stelt de transformatie naar integraliteit u voor een uitdaging? Neem dan contact op met één van onze adviseurs voor een vrijblijvend kennismakingsgesprek.