Continuïteitsmanagement? Eerst de taalbarrière slechten!


Steeds vaker krijgen wij de vraag organisaties te helpen bij het vormgeven van continuïteitsmanagement, zodat zij bij eventuele uitval van ICT ‘in de lucht’ blijven.

Wat denk u dat de eerste uitdaging is bij het vormgeven hiervan? Het in kaart brengen van alle afhankelijkheden tussen systemen en applicaties? Het beleggen van rollen en verantwoordelijkheden? Het veiligstellen van de servicelevels met leveranciers? Nee, taal.

Continuïteitsmanagement blijkt vaak te worden gebruikt als containerbegrip, buzz-woord en panacee voor al uw kwalen. Een korte scan op internet brengt u eerst bij businesscontinuity en risk management control, compleet met impact-analyses en technische requirements. Daarna belandt u met één click in de wereld van ICT-componenten, switches, serverparken, hubs en fiber rings. Van de ICT rolt u bij de ins ‘n outs van cybersecurity, informatieveiligheid en beveiliging van vitale structuren – en de “bewustwording”, “samenwerking” en “strategische baseline” die daarvoor nodig is. En tot slot stuit u op de gespannen relatie tussen continuïteit en crisismanagement bij kleinschalig uitval of een grootschalige black-out ….

En niet alleen het begrip continuïteitsmanagement is een Babylonische puzzel. Ook degenen die met continuïteitsmanagement aan de slag moeten, lopen tegen de talige kwestie aan. Continuïteitsmanagement valt en staat met de betrokkenheid van bestuurders, lijnmanagers, beleidsvormers, plannenmakers, productiemedewerkers en de collega’s van ICT – en zij houden er allemaal een ander vocabulaire op na. Wat de één onder ICT verstaat, noemt de ander telecom, waar de één over redundant spreekt, ziet een ander een risico – en wat kritisch is voor de één, is bijzaak voor een ander. Het is daarom niet verwonderlijk dat het dossier continuïteit dikwijls blijft liggen ‘tot het duidelijk wordt wat precies de bedoeling is’.

Zijn deze obstakels te slechten? Ja. Continuïteitsmanagement is gebaat bij een heldere definitie en afbakening, én het vraagt om een gemeenschappelijke taal. Het heeft echter weinig zin de holistische containerbegrippen over te nemen of mainstream definities te dicteren. Het heeft wel zin om een gemeenschappelijke woordenschat te creëren – die door alle lagen van de organisatie in kwestie wordt begrepen. Daarmee vallen de verschillende puzzelstukjes op hun plek en wordt het vormgeven van continuïteitsmanagement een vrij overzichtelijke opgave.