Herijking cultuursector Harderwijk; succesvol bezuinigen en vernieuwen

Gepubliceerd op 29 januari 2014

De gemeente Harderwijk heeft in 2011 het plan opgevat om de cultuursector te herijken.

De gemeente Harderwijk heeft in 2011 het plan opgevat om de cultuursector te herijken. Als gevolg van het coalitieakkoord moest Harderwijk zich financieel bescheidener opstellen. De gemeente streeft wel naar een duurzaam, levensvatbaar en realistisch cultureel aanbod in Harderwijk. De gemeente heeft ervoor gekozen toe te werken naar een op een nieuwe leest geschoeide culturele infrastructuur.

De gemeente ondersteunt de ontwikkeling van de professionele instellingen richting cultureel ondernemerschap, integrale dienstverlening en nauwe samenwerking. De gemeente heeft de regie naar zich toegetrokken en heeft ingezet op een traject voor clustervorming, onder begeleiding van adviesbureau Berenschot.

De gemeente heeft drie doelstellingen met dit traject:

  • Herpositionering als klantgerichte culturele ondernemingen: instellingen streven naar zakelijke externe oriëntatie, marktgericht denken en andere verdienmodellen, anders dan subsidie.
  • Herstructurering voor efficiënte samenwerking: zes instellingen, namelijk het Stadsmuseum, de
    Muziekschool Noordwest Veluwe, 't Klooster, Estrado, Catharinakapel en Theater Harderwijk, worden geacht om intensief en efficiënt samen te werken in drie nieuwe clusters.
  • Bedrijfsvoering binnen het nieuwe financiële kader: in het culturele veld wordt een besparing
    van 30% gerealiseerd. Per instelling is de omvang van de bezuiniging op de subsidie vastgesteld. Doel is voor de instellingen om tot duurzame bedrijfsvoering te komen.

De bijdrage van Berenschot bestond uit:

  • Regie voeren op het proces
  • Verbinden tussen instellingen en gemeenten
  • Structureren, faseren, ijkmomenten bepalen
  • Helpen met businessplannen en andere plannen
  • Draagvlak en haalbaarheid bewaken
  • Subsidiemodel en prestatieafspraken ontwikkelen

De doelstelling om de instellingen te herpositioneren als klantgerichte culturele ondernemingen is grotendeels geslaagd. De instellingen hebben zich extern georiënteerd en zijn nieuwe samenwerkingsrelaties aangegaan. De instellingen hebben concrete handvatten gekregen om het culturele aanbod en de marketing scherper te richten op doelgroepen met veel potentie.

De instellingen hebben zich geherstructureerd in drie clusters. Het Stadsmuseum heeft zich als samenwerkingspartner voor andere stichtingen en het bedrijfsleven geprofileerd. Centrum voor de Kunsten 't Klooster heeft de organisatie geïnttegreerd met coördinatiecentrum Cultuurkust. In het cluster Podia hebben de drie podia samen een grote stap gezet met een bestuurlijke fusie.

Wat betreft bedrijfsvoering blijkt dat de teruglopende middelen als gevolg van de bezuinigingen van de gemeente beperkt kunnen worden gecompenseerd met eigen inkomsten of middelen uit de derde geldstromen. Deze moeten dus door de instellingen door kostenverlaging worden opgebracht.

Gemeente en instellingen zien terug op een waardevol traject en zijn sinds begin 2014 druk bezig met het realiseren van de businessplannen.