In opdracht van het ministerie van EZK onderzocht Berenschot de financiële effecten van tijdsafhankelijke nettarieven voor verschillende typen huishoudens en welke factoren daarbij bepalend zijn. Conclusie: het voorgestelde tijdsafhankelijke nettarief herverdeelt de netkosten tussen huishoudens. De financiële effecten verschillen daarbij sterk per huishouden en hangen vooral samen met elektriciteitsverbruik, elektrificatie en mogelijkheden voor flexibel gebruik.
De Nederlandse elektriciteitsnetten staan onder toenemende druk door de groei van elektrische toepassingen zoals warmtepompen, elektrische voertuigen en zonnepanelen. Om het elektriciteitsnet beter te benutten en piekbelasting te verminderen, hebben de netbeheerders een voorstel gedaan voor een tijdsafhankelijk nettarief: netkosten worden dan deels afhankelijk van de hoeveelheid elektriciteit die wordt verbruikt en het moment waarop dit gebeurt. Zo ontstaat een prikkel om flexibel verbruik te verschuiven naar momenten waarop het net minder wordt belast.
Brede onderzoeksaanpak
In het onderzoek bracht Berenschot gedetailleerd in kaart in hoe de financiële effecten uitpakken voor verschillende typen huishoudens en welke factoren daarbij bepalend zijn. Ander aandachtspunt is dat de invoering van een nieuw nettarief aansluit bij bredere beleidsdoelen, zoals het betaalbaar en aantrekkelijk houden van de verduurzaming en elektrificatie van woningen. Hiertoe is expliciet gekeken naar de mate van elektrificatie, woningkenmerken, omvang van het huishouden, aanvullende apparatuur (thuislaadpunt of zonnepanelen) en de mogelijkheden om verbruik in de tijd te verschuiven.
Andere verdeling netkosten
Eerste conclusie is dat het voorgestelde tijdsafhankelijke nettarief leidt tot een andere verdeling van netkosten tussen huishoudens. “De meerderheid van huishoudens – 53% tot 64%, veelal met cv-ketel – gaat minder betalen dan de verwachte netkosten in 2030 ingeschat volgens de oude systematiek”, stelt Anna Meijering, managing consultant bij Berenschot. “Huishoudens met een hoger elektriciteitsverbruik gaan gemiddeld meer betalen, met name door elektrificatie van warmte, mobiliteit en aanvullende apparatuur.”
“De meerderheid van huishoudens – 53% tot 64%, veelal met cv-ketel – gaat minder betalen dan de verwachte netkosten in 2030 ingeschat volgens de oude systematiek”,
- Anna Meijering, managing consultant bij Berenschot.
Grotere verschillen tussen huishoudens
Tegelijkertijd nemen volgens Berenschot de verschillen tussen huishoudens toe: de hoogte van de netkosten wordt sterker afhankelijk van de specifieke situatie van het huishouden, de mate van elektrificatie en het moment van verbruik. “Huishoudens met een hoger elektriciteitsverbruik gaan in absolute zin meer betalen”, aldus Merel van Leeuwen, consultant bij Berenschot. “Relatief betaalt ieder huishouden ongeveer evenveel extra per kWh voor het nieuwe variabele gedeelte van het nettarief.”
Netkosten niet altijd te beïnvloeden
De mate waarin huishoudens hun netkosten kunnen beïnvloeden, verschilt daarbij sterk. Van Leeuwen: “Voor flexibel verbruik, zoals het laden van elektrische voertuigen, kunnen netkosten substantieel worden verlaagd door verbruik te verschuiven in de tijd. Voor minder flexibel verbruik, zoals basisverbruik en medische apparatuur, is deze beïnvloedbaarheid beperkt of afwezig.” Zonnepanelen werken dempend op de netkosten en kunnen deze tot 28% verlagen bij tien panelen per huishouden. “Hoe groter de verhouding opwek uit zonnepanelen ten opzichte van het verbruik, hoe hoger deze demping.”
Totale kosten verwarmen bepalend
Netkosten vormen echter slechts één onderdeel van de totale kosten. “Hoewel elektrificatie van de warmtevoorziening typisch leidt tot hogere netkosten, pakt dit voor de energierekening anders uit”, verklaart Meijering. “Uit de analyse van de energierekening en TCO (total cost of ownership) blijkt dat voor alle doorgerekende huishoudens de energierekening en totale kosten van een (hybride) warmtepomp – ondanks hogere netkosten – lager zijn dan die van een cv-ketel.” Voor huishoudens zijn uiteindelijk de totale kosten van verwarmen bepalend. “Hoewel investerings- en onderhoudskosten voor (hybride) warmtepompen hoger zijn dan bij cv-ketels, kan een huishouden flink besparen op de energierekening bij overstap naar een (hybride) warmtepomp.”
Het onderzoek van Berenschot, opgenomen in de Kamerbrief (d.d. 15 september 2026, Prinsjesdag) van minister Stientje van Veldhoven-van der Meer (KGG) aan de Tweede kamer, is hier te downloaden, en aan de Eerste Kamer, is hier te downloaden (p.66 e.v.).