Interimmer Ruud Goijarts maakt tempo om in opdrachten de afgesproken doelen te bereiken. Hij pakt problemen bij de kop en neemt mensen mee. “Maar ik blijf ook de grenzen opzoeken.”
Goijarts noemt zich een klassieke interim-manager. De eerste weken kijkt hij als een soort detective Columbo wat er aan de hand is in de organisatie: is er een strategie, wat is de cultuur, de werkwijze, wat zijn de problemen en wat is dan de aanpak? Dit in nauwe afstemming met alle stakeholders. “Gemiddeld ben ik één tot anderhalf jaar in een opdracht, dan kun je ook wat neerzetten en tempo maken”, zegt hij. “In de planfase vinden ze me allemaal een toffe peer: aardig, luistert goed en trekt de hele organisatie bij elkaar. Maar als we in de implementatiefase komen, ga ik lopen drukken zodat wat we met elkaar hebben afgesproken ook prioriteit krijgt. Dan heb ik niet altijd evenveel geduld als een organisatie zes, zeven stappen terug wil zetten.”
De goede dingen doen
Als interim-manager heeft Goijarts doorgaans meerdere petten op. “Daar zit mijn drukte. Enerzijds zorgen dat de bedrijfsvoering loopt, blijft lopen en beter gaat lopen. En daarbovenop is mijn opdracht de organisatie aan te pakken om de ontwikkeling in gang te zetten, waar meestal ook een programma aan vastzit.” Inmiddels is Goijarts ruim 25 jaar met veel plezier en energie actief als interim-manager. “In mijn ogen kan de overheid in zijn algemeenheid beter functioneren. Mijn drive is om in bedrijfsvoering of organisatieontwikkeling te laten zien dat het efficiënter en beter kan. En dan de goede dingen doen.”
Ik heb niet altijd evenveel geduld als een organisatie zes, zeven stappen terug wil zetten.
Programma in de steigers gezet
Zijn huidige opdracht bij Waterschap Rivierenland vinkt wat dat betreft weer alle hokjes aan. Goijarts is verantwoordelijk voor het onderdeel bedrijfsvoering, waar 350 van de ruim 1.000 medewerkers van het waterschap onder vallen. Tevens fungeert hij als directielid in de vierkoppige directie en is hij portefeuillehouder digitale transformatie. “Het waterschap wil datagedreven gaan werken, meer digitaliseren. We hebben een programma in de steigers gezet om te kijken wat we voor inwoners kunnen betekenen en hoe we medewerkers digitaal vaardiger kunnen maken.” Verder is Goijarts opdrachtgever voor het organisatieontwikkelproces van de komende vier jaar en het bijbehorende programmaplan Waterkompas. “Efficiency en doelmatigheid vergroten, bezuinigingen realiseren, strategische personeelsplanning omdat het waterschap in het licht van klimaatverandering steeds meer nieuwe taken krijgt.”
Wendbare organisatie is een must
Andere belangrijke pijlers betreffen de cultuur binnen het waterschap. “Doel is het leiderschap te versterken, een visie op integraal management te ontwikkelen en rollen en taken beter te verdelen”, aldus Goijarts. “Maar met name stappen zetten in de leidende principes rond gedrag, te beginnen bij directie en management, en daarna in alle 47 teams. Kernwoorden daarbij zijn: slagvaardig, open en aanspreekbaar.” Verder wil het waterschap zich extern positioneren als waterautoriteit en onderzoeken hoe het gemeenten, provincies en inwoners meer kan betrekken bij de watervisie voor de komende vijftig jaar. In verband met een vacature in de directie is de opdracht van Goijarts, gestart in juli 2025, verlengd tot voorjaar 2027. “Ik krijg alle medewerking, mensen zijn bereid tot ontwikkeling. Ze zien de maatschappelijke meerwaarde van hun werk en beseffen dat voor de huidige opgave van het waterschap een wendbare organisatie nodig is. We hebben nog een mooi jaar om resultaten neer te zetten.”
De passie blijft
Precies daar vindt Goijarts voldoening in het interimvak. “Met mijn bijdrage wil ik organisaties beter laten lopen en zo maatschappelijke meerwaarde leveren. Het mooiste is dan dat je na anderhalf jaar het stokje kunt overdragen aan tevreden opdrachtgevers en stakeholders. Die passie blijft”, zegt hij. “Hoe groter de crisis, hoe leuker ik het vind. Ik ben een druk baasje, maar kan rust en vertrouwen uitstralen. Ik pak problemen bij de kop, neem mensen mee en zorg dat het goed komt. De waardering die je dan krijgt, doet goed.” Uiteraard heeft Goijarts de afgelopen decennia ook lastige opdrachtgevers meegemaakt. “Directeuren met zwakke knieën of control freaks, die soms zelf het probleem veroorzaken. In die situaties heb ik geleerd: niet weglopen, ook al zit je zelf knel. Ondersteun zo iemand door te spiegelen en te coachen.”
Ik sluit nu meer aan bij de organisatie, maar houd koers.
Aansluiten bij de organisatie
Ook is Goijarts door de jaren heen gaan zien dat je niet altijd de klassieke manier van interim-management van stal hoeft te halen als een organisatie al plannen of programma’s heeft staan. “Dan is het zaak je eigen analyse op een natuurlijke manier daarbij te laten aansluiten. En hun aanpak te versterken door bepaalde accenten of prioriteiten aan te brengen”, zegt hij. “Wat dat betreft ben ik zelf wat flexibeler en wendbaarder geworden. Ik houd iets meer rekening met wat de organisatie aankan en geef mensen de tijd om aan te haken, waar ik eerder haast had om in de implementatiefase te komen. Het proces is ook belangrijk. Tegelijkertijd houd ik wel koers en blijf ik de grenzen opzoeken.”
Over Ruud Goijarts
Ruud Goijarts is ruim 25 jaar actief als interim-manager vanuit zijn eigen bedrijf Orchestra (“als interimmer wil ik net als een dirigent een organisatie integraal laten samenwerken, en ervoor zorgen dat ieder tot zijn recht komt en zich gewaardeerd voelt”) en via organisatieadviesbureaus als Berenschot. Zijn opdrachtgevers bevinden zich in het publieke domein: gemeenten, provincies, regionale servicecentra en nu voor het eerst een waterschap. Goijarts heeft een achtergrond in bedrijfskunde en bestuurskunde, en werkte eerder in een managementfunctie bij de politie.