De nul-aanbieding in de minnelijke schuldregeling, momenteel een hot item in de media, kan en moet niet los worden gezien van de hele schuldenaanpak. Nul is niet het issue, maar hoe we daarop uitkomen wél. In dit artikel presenteren we een vernieuwend combimodel voor de gemeentelijke schuldhulpverlening.
Het huidige ‘trechtermodel’ is succesvol voor inwoners die het loodzware traject kunnen volhouden: de sterken halen de eindstreep, maar dat zijn er bar weinig. Het nieuwe combimodel dat wij voorstaan – en hieronder toelichten – richt zich primair op het duurzaam versterken van de financiële weerbaarheid van kwetsbare inwoners. Dit door bewezen praktijkervaring te combineren met inzichten uit neurowetenschappen en sociaalpsychologie, waardoor niet alleen schulden verdwijnen, maar vooral ook blijvende gedragsverandering en stabiliteit kunnen ontstaan. Dit maakt de aanpak onderscheidend én veelbelovend voor mensen die nu vastzitten in uitzichtloze schulden: een echte kans op herstel, zelfstandigheid en perspectief.
Verder dan schuldaflossing
Binnen het combimodel is het oplossen van problematische schulden een middel en geen doel op zich. Deelnemers worden niet alleen schuldenvrij, maar vergroten ook hun inkomen, de betaalbaarheid van vaste lasten, hun financiële buffer en vaardigheden zoals budgetteren en hulp vragen. Hierdoor zetten zij sneller de stap naar hulp, blijven ze structureel uit de schulden, schuldeisers ontvangen het maximaal haalbare bedrag en de overheid bespaart op langdurige ondersteuning en zorg. Deze aanpak gaat verder dan schuldaflossing en legt de basis voor structurele, zelfstandige en toekomstbestendige financiële stabiliteit.
Leidende principes
Leidende principes in het combimodel: ondersteuning duurt zo lang als nodig en zo kort als kan, schuldeisers worden gerespecteerd en als partners gezien, de focus ligt op het voorkomen van uitval en terugval boven maximale uitdeling, en maatwerk vanuit de leefwereld van de inwoner weegt zwaarder dan het strikt volgen van richtlijnen en procedures.
Het combimodel (bron: Jan Tingen)
Anders dan in de huidige werkwijze beginnen de drie onderdelen van het combimodel tegelijkertijd. De kern is dat inwoners met problematische schulden werken aan zelfgekozen doelen, daarbij persoonlijke en warme ondersteuning krijgen, leven van een reëel en haalbaar budget en een voor hun situatie verantwoord bedrag voor schuldeisers sparen. Daarmee maakt alle inzet van de inwoner vanaf de intake deel uit van het minnelijk traject van 18 maanden, en dat geldt ook voor de samenwerking met schuldeisers. Na aanmelding en afgifte van de toelatingsbeschikking Wet gemeentelijke schuldhulpverlening gaan de drie stappen tegelijk van start.
1. DOEL-DOEN-aanpak
In één of meer gesprekken met de inwoner wordt ingegaan op de aanleiding voor hulp, de mate waarin iemand kan rondkomen en diens persoonlijke doelen voor het versterken van financiële weerbaarheid en vaardigheden. Vervolgens stelt de inwoner eigen ontwikkeldoelen, zoals het verbeteren van het inkomen, de betaalbaarheid van vaste lasten of het opbouwen van een buffer, én het versterken van vaardigheden als budgetteren, lezen en rekenen, financiële keuzes maken en hulp vragen. Inwoners realiseren hun persoonlijke doelen met passende ondersteuning, zoals budgetcursussen, taalmaatjes, jobcoaching of opleidingstrajecten. Het stellen van eigen doelen vormt de basis van het model en is gericht op het structureel verminderen van terugvalrisico’s in schuldenproblematiek.
2. Werken aan een stabiel redelijk inkomen
Hierbij wordt gewerkt met het reële budget: er wordt een budgetplan opgesteld, gebaseerd op werkelijke kosten, inclusief bijzondere uitgaven zoals medische diëten of zorg voor naasten. De referentiebudgetten van het NIBUD worden daarbij ingezet zoals ze zijn bedoeld: als referentie. Dus niet als norm maar als hulpmiddel bij het in balans brengen van inkomsten en uitgaven. Gedurende 18 maanden sparen de betrokken inwoners waar mogelijk voor de schuldeisers.
3. Samenwerking met schuldeisers
Schuldeisers ontvangen uiterlijk 14 dagen na dagtekening van de toelatingsbeschikking bericht en informatie over het traject, de inzet en doelen van hun betrokken debiteuren met betalingsachterstand. Schuldeisers wordt gevraagd vooraf akkoord te gaan met kwijtschelding na 18 maanden, nadat hun betrokken debiteuren aantoonbaar hebben gewerkt aan de zelfgekozen doelen.
Elke 6 maanden ontvangen schuldeisers een rekening en verantwoording, inclusief inzicht in de voortgang, de inspanningen van de inwoner en de geboden gemeentelijke ondersteuning, zodat zij vertrouwen houden in het maximaal haalbare resultaat. Na 15 maanden volgt een conceptuitdelingslijst, met als doel schulden te verifiëren en schuldeisers te informeren over het bedrag dat zij daaruit na 18 maanden zullen ontvangen. Op hetzelfde moment ontvangen zij ook een eindrapportage over hoe de DOEL-DOEN-aanpak heeft uitgepakt voor de betrokken inwoner. Uiterlijk 3 maanden na de conceptuitdelingslijst volgt de definitieve uitdelingslijst, op basis waarvan de schuldeisers kwijtschelding verlenen. De ondersteuning wordt vervolgens gefaseerd afgebouwd, zodat de inwoner zelfstandig een stabiele financiële positie kan behouden.
Gezocht: gemeenten en schuldhulporganisaties met lef!
Het combimodel vernieuwt de schuldhulpverlening op krachtige wijze en vormt voor inwoners een springplank naar duurzame financiële zelfredzaamheid. Dit door bestaande onderdelen uit de basisdienstverlening slimmer te ordenen en aan te vullen met nieuwe, bewezen instrumenten om eigen doelen te realiseren, een redelijk besteedbaar inkomen op te bouwen en schulden duurzaam af te handelen. Daarmee sluit het combimodel aan bij de ontwikkeling waarin professionals steeds meer begeleiding bieden en geeft het hier een sterke, concrete invulling aan. De wettelijke kaders bieden ruimte voor deze aanpak, al vraagt vooral het onderdeel samenwerking met schuldeisers om bestuurlijke keuzes, omdat dit deels afwijkt van NVVK‑richtlijnen en de vertaling ervan in de basisdienstverlening.
Precies door deze vernieuwende onderdelen zijn we op zoek naar gemeenten en schuldhulporganisaties die durven vooruit te kijken. Partners met lef, die samen met ons het model in de praktijk willen uitproberen, er samen van willen leren en de resultaten willen evalueren.
Ziet u kansen en voelt u energie om mee te doen? Sluit u aan! Wij nodigen u graag uit om samen met enkele enthousiaste pioniers een inspirerende werksessie te houden, waarin we het combimodel verder verdiepen én verrijken!
Zelfstandig adviseur Jan Tingen is al meer dan veertig jaar actief in de schuldhulpverlening, waaronder lange tijd als directeur van de GKB Drenthe en actief (ere)lid van de NVVK.
Bram Berkhout leidt als senior managing consultant bij Berenschot regelmatig onderzoeken op het terrein van schuldhulpverlening.