De integratie van middelen voor de Brede Regeling Combinatiefuncties (BRC), het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) en het uitvoeringsbudget via de brede SPUK blijkt dé motor voor het realiseren van de doelen uit de Sportakkoorden I en II. Zonder structurele financiering dreigt echter terugval, met name in de breedtesport. Dat blijkt uit de evaluatie die Berenschot uitvoerde in opdracht van het ministerie van VWS.
Nederland streeft naar een sportieve samenleving waarin iedereen kan meedoen, met plezier in sport en bewegen én met topsport die inspireert. Sinds 2018 vormen het Sportakkoord I en II een belangrijk instrument onder dit beleid. Berenschot evalueerde in 2025–2026 in hoeverre deze akkoorden hebben geleid tot veranderingen in de totstandkoming en uitvoering van sportbeleid, zowel landelijk als lokaal. En daarnaast of deze structureel en duurzaam zijn verankerd, met bijzondere aandacht voor samenwerking tussen partijen.
Bepalende factor
“De bundeling van financiële stromen, BRC, GALA en het uitvoeringsbudget via de brede SPUK, blijkt bepalend voor het succes”, zegt Karin Visser, senior managing consultant bij Berenschot. “Dit stimuleerde gezamenlijke doelen en versterkte de verbinding met andere maatschappelijke opgaven zoals welzijn, gezondheid en preventie. Tegelijk is zonder structurele financiering, met name in de breedtesport, het risico op terugval aanwezig.”
Wisselend beeld
Hoewel het Sportakkoord op veel plaatsen heeft geleid tot versterking van sportbeleid, samenwerking en verbinding, is de duurzame borging niet overal gelijk. Wel is sprake van versterkte netwerkvorming, waarbij gemeenten meer domeinoverstijgend samenwerken. Op landelijk niveau heeft het Sportakkoord publieke partners wel langdurig samengebracht. Dat leidde tot gezamenlijke strategieontwikkeling, onder meer voor topsport en sport voor mensen met een handicap. “Tegelijkertijd blijft de governance van top- en breedtesport deels gescheiden en zijn ondernemende sportaanbieders beperkt vertegenwoordigd”, aldus Visser. “Dit vraagt aandacht bij verdere doorontwikkeling van het stelsel.”
BRC: van uitvoerder naar verbinder
De bestuurlijke afspraken rond de BRC hebben de rol van combinatiefunctionarissen zichtbaar veranderd, zo blijkt uit de evaluatie. “Hun inzet is verbreed naar meer verbindende rollen en een programmatische aanpak. Functionarissen leggen steeds vaker structurele verbindingen tussen sport en andere maatschappelijke thema’s”, stelt Visser. “De verbreding naar meerdere doelgroepen, zoals mensen met een handicap en kwetsbare groepen, is echter nog beperkt van de grond gekomen.”
Tweede Kamer geïnformeerd
Eind april heeft minister van VWS Mirjam Sterk het evaluatierapport naar de Tweede Kamer gestuurd. Zomer 2026 verwacht zij de Tweede Kamer te informeren over de reactie op de uitkomsten van deze evaluatie.